Je hoeft niet sterker te worden
De laatste tijd denk ik veel na over wat kracht eigenlijk is. We leren als vrouwen toch vaak dat we sterk moeten zijn. Dat we moeten doorgaan, dat we veel kunnen dragen en dat we het liefst ook nog een beetje overeind blijven wanneer het leven behoorlijk veel van ons vraagt.
En ergens onderweg bouwen we allemaal manieren op om onszelf te beschermen. Misschien door altijd maar door te gaan, door alles zelf te willen doen, door controle te houden of juist door niet meer zo goed te voelen wat er eigenlijk in onszelf gebeurt. Vaak zijn dat helemaal geen verkeerde manieren. Ze zijn er niet zomaar. Ze hebben ons ergens in ons leven geholpen.
Maar soms kom je op een punt waarop je merkt dat wat je ooit nodig had om jezelf te beschermen, je nu ook een beetje weghoudt van jezelf.
Dat vind ik zo bijzonder aan geboorte.
Je kunt je voorbereiden. Je kunt lezen, een cursus doen, ademhaling oefenen en nadenken over hoe je graag zou willen bevallen. Maar uiteindelijk komt er een moment waarop je lichaam het overneemt. Waarop je niet meer alles kunt bedenken of controleren. Je wordt uitgenodigd om te voelen en om mee te bewegen met wat er in je lichaam gebeurt.
En juist daar kan je jezelf op een heel andere manier ontmoeten.
Niet door nóg sterker te worden, maar misschien juist door iets los te laten.
Ik zie dat ook in mijn werk als doula. Ik wil een vrouw niet leren hoe ze sterk moet zijn tijdens haar geboorte. Ik geloof eigenlijk dat ze die kracht al heeft. Waar ik haar wel in wil ondersteunen, is om daar weer contact mee te maken.
Met haar lichaam. Met haar gevoel. Met haar intuïtie. Met dat stukje in haarzelf dat vaak allang weet wat ze nodig heeft.
En dat betekent soms ook dat je je beschermlagen even niet nodig hebt. Dat je mag huilen. Dat je mag zeggen dat je bang bent. Dat je hulp mag vragen. Dat je niet hoeft te weten hoe het allemaal moet.
Want misschien is dat ook kracht.
Dat je jezelf niet groter hoeft te maken dan je bent.
Dat je je mag laten dragen.
Dat je kunt voelen waar je grens ligt en daar ook naar kunt luisteren.
Rondom de geboorte van een kind wordt er niet alleen een baby geboren. Er wordt ook een moeder geboren. En dat kan een enorme overgang zijn. Je komt jezelf soms op een andere manier tegen. Oude patronen kunnen ineens zichtbaar worden. Dingen waarvan je dacht dat je ze goed voor elkaar had, kunnen opeens anders voelen.
Misschien is dat niet iets wat opgelost hoeft te worden.
Misschien mag je het juist ontmoeten.
En je afvragen: wat heb ik ooit nodig gehad om mezelf te beschermen en heb ik dat nu nog nodig?
Ik vind dat een mooie vraag om mee te nemen in de voorbereiding op het moederschap.
Niet: hoe word ik een betere of sterkere moeder?
Maar: wat mag ik loslaten om dichter bij mezelf te komen?
Want misschien zit onze kracht niet ergens ver weg waar we haar nog moeten vinden.
Misschien zit ze juist onder alles wat we in de loop van ons leven om ons heen hebben gebouwd.
En soms is er maar een klein beetje ruimte nodig om haar weer te voelen.